zondag 25 december 2005

Essentie van kerst en Barna

Vanmorgen liepen Mariska en ik na de dienst naar huis en beide hadden we dezelfde gedachte. Wat is de essentie van kerst en van de kerstvieringen? We vieren elk jaar kerst. Elk jaar proberen we de vieringen weer op een orginele manier te benaderen. Toch is dat, en daar waren we het beide over eens, niet de kern van kerst. Mariska stelde voor om een aantal mensen uit te nodigen, die waarschijnlijk met kerst alleen zijn om met hen samen te gaan eten. Dat is een mogelijkheid. Echter, deze dagen staan bol van de familiebezoeken en dat is moeilijk te combineren. Ik ben er nog niet uit. Het blijft een beetje malen.

Ik lees dit weekend een nieuw boek van George Barna met de titel "Revolutions". Barna is de amerikaans christelijke Maurice de Hond. Hij toonde aan de evangelicalen in de VS de bijbel bijna niet kennen. Het boek dat hij schrijft heeft een kernachtige boodschap. Hij noemt christenen revolutionairen. Het zijn mensen die alleen maar één doel voor ogen hebben: Jezus volgen in alles wat ze doen. Daar is de kerk niet zozeer voor nodig. Ze stellen doelen en volgen die na. Een opmerkelijke gedachte. Bij mij blijft hangen dat zij Jezus in alles voor ogen hebben. Kunnen beide gedachten te combineren zijn? Ik weet het (nog) niet. Maar Barna maakt bij mij heel veel los.

Een aanrader, want volgens mij kan ik wel wat inzichten van Barna op mijn eigen leven loslaten. Als iedereen de revolutioniar was die Barna beschrijft, dan was ik een ander mens, maar ook Gouda zag er anders uit.

vrijdag 23 december 2005

The Chronicles of Narnia


Een tijdje geleden hebben Harry Zijlstra en ik weer eens een dagje met elkaar opgetrokken. Het is goed om weer eens gewoon bij te kletsen over alles wat ons bezighoudt. Lopend door Utrecht kwamen we beiden de jaren 80 versie van de "Chronicles van Narnia" tegen. De BBC wil op het succes van de nieuwe film meesurfen en heeft deze oude versie opnieuw uitgebracht. Direct aangeschaft natuurlijk, had ik ook weer een Sinterklaas kadootje voor Mariska.

Ik moet zeggen dat ik onder de indruk ben geraakt van de inhoud van deze film. De special effects in deze oude versie zijn niet zo "special", maar de inhoud geeft op magistrale wijze weer wat Jezus voor ons heeft gedaan. C.S. Lewis heeft een meesterwerk geschreven. Ik zal de inhoud niet verklappen, maar het is een aanrader om gewoon te gaan kijken.

De kritiek op Narnia zwelt in christelijk Nederland aan. Prima natuurlijk, want elk christen moet toetsen en het goede behouden. Met name het gebruik van mythische wezens door Lewis is een doorn in het oog. De stap naar het occulte is snel gemaakt. Mijns inziens is deze conclusie nogal haastig gemaakt. Het occulte neemt in de echte wereld geheel andere vormen aan dat de fantasiewereld die Lewis schiep. Hij daalt af op het niveau van een kind en laat zien wat Alsan als plaatsvervanger voor Edmund doet. Dat is de kern van wat Jezus deed. Bekijk het verhaal door de ogen van het evangelie. Ik zag in de jaren 80 versie opmerkelijke dingen die zijn blijven hangen. Ik ga kijken naar de update!

Lees maar eens het verhaal achter het verhaal op: http://www.thelife.nl/

dinsdag 20 december 2005

Geboren en een nieuw begin

Hopeloos en zonder toekomst
Donker en alleen
Honger en dikke buikjes
Dood en een bomaanslag
Een ramp en de aarde schut
Een vreemde en een andere huidskleur

Een Samaritaan en een uitgestrekte arm
Een zuchtende schepping en een bruiloftsmaal
Het Leven en een opstanding
Brood en bewogenheid
Licht en een hand op de schouder
Geboren en Hij komt

vrijdag 16 december 2005

Open staan voor elkaar!

Een vaak terugkomend thema in onze gemeente is: het groter worden in aantal en het daardoor niet meer in staat zijn alle mensen te kennen. “Het is niet zoals vroeger!”, zegt de ene oudgediende. “Het was als een warm bad, maar nu niet meer”, zegt de ander. Dat doet mij pijn, want de gemeente is juist dé plek waar je warmte mag ervaren. Een gemeente verandert, ook Parousia Gouda ontkomt daar niet aan. Toch is dat gevoel van “vroeger” niet iets dat ik zou willen verliezen. Ook ik herken iets van de opmerkingen. Ik zou er voor willen knokken om dat saamhorigheidsgevoel te behouden.

Als UT zoeken we steeds naar mogelijkheden om dat gevoel terug te krijgen door bijvoorbeeld taken zo te organiseren dat ze gezamenlijk gedaan kunnen worden. Het verspreiden van “The Story of Christmas” is daar een goed voorbeeld van. De kring waar ik bij hoor, de Achttienplus, wilde zelfs na de eerste keer nog een wijk voor haar rekening nemen omdat het gezellig is om het met elkaar te doen. Maar meer nog, omdat je samen de stad ingaat voor het evangelie van Jezus Christus. Verder hebben we in het UT een brainstorm over “gastvrijheid” gehad, waar jullie in de toekomst nog meer over zullen horen. Allemaal zaken die dat zo diep gevoelde saamhorigheidsgevoel willen en proberen te bevorderen. Toch zit er bij mij een soort onbevredigend gevoel, want “gemeenschap” of “saamhorigheid” kun je niet plannen of sturen. Activiteiten zijn daarvoor geen garantie. Eigenlijk zouden dergelijk acties niet nodig moeten zijn. Deze zaken kun je stimuleren, maar ze moeten eigenlijk in een gemeente ontstaan waar mensen zich willen inzetten om samen gemeente te zijn. Daarom denk ik dat “gemeenschap” begint bij ons allemaal persoonlijk. Bij mij en bij u of jou. Als de gemeente een kleiner aantal heeft, gaat het vanzelf. Ben je iets groter, dan moet je daar zelf meer aan doen. Ik heb een aantal zaken om een rij gezet, waarvan ik denk dat het ons kan helpen een stap verder te komen. Hoe kun je als grote gemeente toch “gemeenschap” ervaren?

1. Gemeenschap betekent dat je beschikbaar bent
Het betekent dat je tijd met elkaar doorbrengt. Tijd om eens door te praten. En dat kost tijd. Daar kun je voor kiezen of niet voor kiezen. In onze tijd slurpende maatschappij is dat ontzettend moeilijk. Toch is er geen andere weg. Het maken van tijd voor elkaar is geen garantie dat je “saamhorigheid” ervaart, maar het is wel een voorwaarde. In de gemeente waar ik ben geestelijk ben opgegroeid dronken we vaak koffie na de dienst. Sommigen vertrekken na de dienst snel naar huis. Blijf eens staan praten of begin er eens mee iemand uit te nodigen voor een bakkie op zondagochtend of middag.

2. Gemeenschap betekent kwetsbaar willen zijn
Kwetsbaar zijn wil zeggen dat we onszelf willen openen voor een ander. Als je altijd over koetjes en kalfjes praat, zul je nooit werkelijk gemeenschap ervaren. Het open zijn naar elkaar toe bouwt de gemeente, maar ook de wederzijdse gemeenschap. Dat betekent wederzijds open zijn over je sterke en zwakke punten, elkaar liefhebben, elkaar accepteren en vergeven. Dit gebeurt niet zomaar, daar gaat tijd overheen. Ik zou het zelfs vreemd vinden als iemand bij een eerste ontmoeting zijn hele ziel en zaligheid blootlegt. Dat lijkt mij een ongezonde situatie. Deze dingen vragen tijd, zodat je kan ervaren wat je wel en niet wil delen met elkaar. Er zijn geen regels voor. Maar als we nooit verder willen gaan dan de koetjes en de kalfjes, zullen we nooit werkelijk “gemeenschap” ervaren.

3. Gemeenschap betekent het leven delen
Dit slaat terug op beschikbaar zijn, maar gaat nog een stukje verder. We kunnen tijd met elkaar doorbrengen, maar mogen ook onze bezittingen delen. Hebt u wel eens wat uitgeleend aan een ander of gewoon uw bezittingen gedeeld? Of als u nood ziet, heeft u wel eens geprobeerd er iets aan te doen? Werkelijke gemeenschap is zichtbaar in onze agenda en op onze “bankafschriften”.

4. Gemeenschap betekent stabiliteit
Ik ontmoet wel eens mensen die in paar jaar drie of vier keer zijn verhuisd. Niemand kan een ander verbieden te verhuizen, maar “saamhorigheid” ontstaat door met elkaar een langere relatie aan te gaan. Relaties kosten tijd. Dat geldt ook voor het bezoeken van de diensten. Als we als gemeente daar trouw in zijn en er tijd voor nemen, kunnen we mensen vaker aanspreken en samen gemeente zijn. Wanneer iemand 1-2 keer per maand de diensten bezoekt, blijf je mijns inziens het gevoel houden gast in eigen gemeente te zijn. Dan bezoek je de gemeente, zonder te ervaren dat je de gemeente bent.